Wettelijke vriendschap ondersteunt maatschappelijke evolutie

(c) Unsplash-Abongalonkulu

Het gezin, de hoeksteen van de maatschappij? In België anno 2016 zijn “officiële” familiebanden lang niet meer voor iedereen de belangrijkste. Goede vrienden staan vaak zo dicht bij ons dat we hen als familie beschouwen. Alleen voorziet de Belgische wetgeving niets om dit officieel te maken en dat zorgt voor pijnlijke situaties. Daarom pleit Jong Groen ervoor om wettelijke vriendschap te erkennen. De ruime weerklank van dit pleidooi in de media toont aan dat wel meer mensen vinden dat beleidsmakers dringend werk moeten maken van het wettelijk vacuüm rond deze maatschappelijke evolutie.

Het voorstel komt niet uit de lucht vallen. Het opzet van de werkgroep Politieke Raad van Jong Groen was om zelf een dossier op de agenda van de PoRa (PoRa: watte? zie onderaan) te plaatsen. Na overleg over verschillende thema’s, werd voor ‘wettelijke vriendschap’ gekozen. Dit komt immers tegemoet aan enkele problematische situaties in de moderne samenleving.

Ben je getuige bij het huwelijk van je vriend(in)? Dan heb je geen recht op klein verlet. Wil je de zorg voor een zwaar zieke vriend(in) op jou nemen? Vergeet tijdskrediet! Heb je geen kinderen? Dan zal je goede vriend(in) die je vermogen erft daar hogere belastingen op moeten betalen. De begrafenis van je beste vriend(in)? Om daar naartoe te kunnen, moet je verlof aanvragen en rekenen op de goodwill van je werkgever.

Wettelijke vriendschap kan in deze uiteenlopende gevallen een elegante oplossing bieden. De werkgroep Politieke Raad werkte een basistekst over wettelijke vriendschap uit en tijdens een open forum kwam de finale tekst tot stand.

Gewoon een basisformulier

De basis van het voorstel stelt een wettelijke vriend(in) gelijk aan een (half)broer of (half)zus. Dat maakt het implementeren eenvoudig. Het wettelijk kader van bloedverwantschap in de tweede graad, met wederzijdse rechten en plichten, bestaat namelijk al. Zo zou je recht hebben op klein verlet bij het huwelijk of de begrafenis van een wettelijke vriend(in). Ook kan je voor hem/haar zorgen in het kader van mantelzorg, tijdskrediet of verlof voor medische bijstand. Daarnaast zijn de erfrechten dezelfde als die tussen broers en zussen, met dat verschil dat ze pas drie jaar na het vastleggen van de wettelijke vriendschap gebruikt kunnen worden.

Dan rijst de vraag: hoe leg je dit vast? Dit zou simpelweg kunnen door het invullen van een standaardformulier op het gemeentehuis, net zoals dat gebeurt voor wettelijk samenwonen. Wens je afwijkingen van de standaardtekst, dan kan je dit regelen via een contract bij een notaris.

Om ervoor te zorgen dat het afsluiten van een contract met een vriend(in) een weloverwogen daad is, voorziet Jong Groen enkele extra voorwaarden. Zo moeten wettelijke vriend(inn)en een verblijfsvergunning in België hebben en is de goedkeuring van beide partijen nodig. Daarnaast wordt het aantal vrienden beperkt tot drie en dienen de mensen die dit contract afsluiten wettelijk meerderjarig te zijn.

Ten slotte moet de wettelijke vriendschap om de vijf jaar verlengd worden. De overheid kan mensen hiervan op de hoogte brengen via mail of brief en de verlenging kan eenvoudigweg gebeuren op een website met de e-ID of per brief. Wie niet verlengt, zegt het contract op. Dit kan eenzijdig en om het even wanneer, alweer via e-ID of per brief.

Enorme weerklank in de media

Het persbericht van Jong Groen over wettelijke vriendschap was een schot in de roos: het werd door heel wat mediakanalen opgenomen. Het beste bewijs dat dit onderwerp iets losweekt bij mensen. Niet iedereen heeft een grote familie om mooie momenten mee te vieren of om op terug te vallen in moeilijkere periodes. Meer en meer mensen hebben een sociaal netwerk van vrienden die minstens even belangrijk  zijn, maar die door de overheid niet als dusdanig erkend worden.

Het voorstel van Jong Groen kreeg ook steun uit onverwachte hoek. Vlaams parlementslid Emmily Talpe (Open VLD) werkt al aan een conceptnota rond ‘geregistreerde verbintenis’ voor mensen die je dierbaar zijn. Zij zou er via deze wettelijke regeling ook voor willen zorgen dat een beste vriend(in) kan helpen met renovatiewerken zonder dat dit als zwartwerk wordt beschouwd. Ook zouden hierdoor niet alleen familieleden, maar ook vriend(inn)en aangesteld kunnen worden als voogd van een kind.

Wordt vervolgd…

Wat gebeurt er nu verder met dit idee? Het besluit van de bespreking van de nota op de Politieke Raad van 19 maart was dat wettelijke vriendschap zeker een waardevol concept is om verder bestudeerd en uitgewerkt te worden. De studiedienst van Groen maakte reeds een analyse van het voorstel. Op basis daarvan zal het thema een tweede keer besproken worden op de PoRa van september. Het doel van Jong Groen is uiteraard dat Groen wettelijke vriendschap als partijstandpunt opneemt, waarmee onze parlementariërs aan de slag kunnen. Daarvoor zullen we nog wat overredingskracht aan de dag moeten leggen. Wie Jong Groen hierin wil steunen, is zeker welkom op de Politieke Raad van 10 september!


PoRa, watte?

De PoRa of Politieke Raad van Groen is bevoegd voor de inhoudelijke politieke lijn van de partij. Het gaat hierbij om de uitwerking van de ideologie, de prioriteitsbepaling en de politieke doelstellingen en krachtlijnen. Deze raad komt maandelijks een hele zaterdag samen.

In de PoRa zetelen mensen die verkozen werden door de provinciale ledenvergaderingen en de ledenvergadering van het Brussels Gewest.  Daarnaast maken ook twee vertegenwoordigers van Groen Plus en twee van Jong Groen deel uit van de raad.

Om die twee laatste te ondersteunen, werd de werkgroep Politieke Raad van Jong Groen in het leven geroepen. De leden van de werkgroep lezen de dossiers die op de agenda staan met een Jong Groene bril en bespreken ze op voorhand. Op die manier kunnen de vertegenwoordigers tijdens de PoRa de nodige vragen stellen en de visie van Jong Groen vertolken bij de standpuntbepaling van Groen.


Auteur: Caroline Robberechts