Het is een zonnige herfstdag als Stefaan Van Hecke Peper meeneemt naar het Brusselse justitiepaleis. Van op de Galgenberg, waar vroeger veroordeelde misdadigers werden opgehangen, kijkt het reusachtige gebouw neer op de levendige benedenstad. Justitie is belangrijk voor groenen, luidt het.
De groenen mogen dan wel groeien in Europa, de opvallendste ontwikkeling van de voorbije Europese verkiezingen is toch dat er in deze crisistijd opnieuw een verrechtsing is gekomen. Het heeft er alle schijn van dat de middenklasse pragmatisch gekozen heeft voor de relatieve zekerheid van centrumrechts.
Met zijn allen verteerden we de verkiezingsresultaten. Groen! stapt nu met een volledig nieuwe fractie in de oppositie. En oppositie zullen we voeren! Twee jonge leeuwen werpen zich alvast in het Vlaamse politieke strijdtoneel. Samen met Hermes Sanctorum en Elisabeth Meuleman werpen we een blik in de toekomst.

Het is er vuil, men spreekt er geen Nederlands en het is er gevaarlijk. Neen Brussel, je blijft er beter weg. Dat beeld klopt echter niet. Brussel is een jonge, bruisende stad met prachtige huizen, lanen en parken. Een portret van die onbekende schoonheid die Brussel is.

Als minister deed De Crem een aantal tegenstrijdige uitspraken over de aanwezigheid van kernwapens in Kleine Brogel. Hij maakte een niet geheel nuchter uitstapje in New York. En hij voerde de vrijwillige legerdienst in. Peper maakt een tussentijdse evaluatie.

Pagina's