Gender en Diversiteit

STANDPUNT IN DE KIJKER:

VISIE

Diversiteit is een begrip dat onze samenleving typeert. We zien elke dag meer diversiteit optreden in de Belgische steden en gemeenten. Die diversiteit zorgt ervoor dat onze samenleving in beweging blijft en kan vooruitgaan. We moeten ervoor zorgen dat er plaats is in onze samenleving voor de verschillende culturen en de daarbij horende identiteiten en moeten verzekeren dat iedereen ondanks diens genderidentiteit zich veilig kan voelen in onze samenleving. Mensen hebben schrik van het onbekende, daarom dienen we het onbekende net bekend maken. Dat is de enige manier om mensen hun angst weg te halen. We moeten samenleven in plaats van te assimileren.

We moeten samenleven in plaats van te assimileren.

Aan de loketten wordt er enkel nog Nederlands gesproken in Vlaanderen, hoe kunnen mensen zich dan op een goede manier informeren? We pleiten vanuit Jong Groen daarom voor een systeem van actief pluralisme. Vanuit dit actief pluralisme gaan we bewust de kant op van meerdere stromingen. Dit gaat verder dan gewoon aanvaarden (wat je ook wel als ‘iets laten passeren’ zou kunnen zien). Dit maakt het mogelijk om mensen op basis van respect samen te laten leven in plaats van hen te scheiden. In onze samenleving zien we vandaag de dag tevens dat het om meer gaat dan enkel etnisch racisme. We zitten in een samenleving waar we duidelijk zien dat intersectionaliteit optreedt. Mensen krijgen minder kansen niet enkel omdat ze een bepaalde etnische afkomst hebben, maar krijgen die kansen ook niet omwille van hun gender, klasse, geloof, seksuele oriëntatie, het al dan niet hebben van een beperking... We pleiten er vanuit Jong Groen dan ook voor om alle vormen van onderdrukking weg te werken. Jong Groen streeft tevens naar inclusieve universaliteit. We pleiten er voluit voor om mensen alle kansen te geven en hen tevens te helpen bij het grijpen van die kansen. Daarom maken we komaf met taalbeperkingen in door de overheid georganiseerde instellingen, en roepen we een halt toe aan regels en praktijken die een wij-zij-denken in de hand werken.

We pleiten er voluit voor om mensen alle kansen te geven en hen tevens te helpen bij het grijpen van die kansen.

Europa scoorde in 2019 gemiddeld 67,4 procent op de ‘Gender Equality Index’. Hier zien we als Jong Groen nog veel ruimte voor verbetering. Voornamelijk de verdeling van de macht tussen de verschillende genders is nog lang niet evenwichtig. In 2017 bedroeg het percentage vrouwelijke* ministers over heel Europa een schamele 28,1 %. België lag met zijn 27,2 % zelfs onder dat percentage. Het aandeel vrouwelijke* leden in de bestuursraden van de grootste Belgische bedrijven lag op 29,6 %. Deze getallen zijn veel te laag. Ook wetenschappelijk onderzoek stelt dat een proportionele representatie van de bevolking in machtsposities een democratische kwaliteit levert, zoals een hogere kiezersopkomst. In België hebben we het geluk dat de basis voor gendergelijkheid, zoals educatie en toegang tot anticonceptie, grotendeels gedekt is. Een grote uitdaging waar onze maatschappij echter nog voor staat, is om ons minder te laten leiden door genderstereotypes en vooroordelen. Daardoor krijgen verschillende genders met veel meer obstakels te maken dan mannen tijdens de klim naar de top.

Als vrouw* voluit voor je carrière gaan is niet zo eenvoudig, aangezien vrouwen* in vergelijking met mannen gemiddeld 8,5 uur per week meer besteden aan onbetaald werk, zoals zorg voor kinderen en het huishouden. Feminisme is voor elk gender belangrijk. Uit een studie blijkt dat 62% van de Belgische mannen de gelijkheid tussen man en vrouw* persoonlijk belangrijk vindt. Samen werken we aan een rechtvaardigere wereld voor ieder gender. Net zoals in zovele domeinen, geeft de jeugd ook op vlak van gendergelijkheid vorm aan de toekomst. Dat maakt onderwijs zo belangrijk. Het patriarchaal maatschappijbeeld wordt al van kinds af aan gevormd of gebroken. De Vlaamse overheid gaat na hoe gender en seksualiteit vandaag in het onderwijs aan onze jeugd aangeleerd wordt en welke vooroordelen doorgegeven worden. Op basis daarvan stelt ze nieuwe richtlijnen op, die bijdragen aan een genderneutrale en respectvolle maatschappij, inclusief in het seksuele domein. In die richtlijnen wordt werken rond stereotypering vanaf de kleuterschool opgenomen.

We zetten met Jong Groen ook een duidelijke visie neer wanneer het aankomt op LGBTQIA+ rechten. Ook hier is discriminatie uit de boze, daarom moeten we werken met LGBTQIA+ inclusief onderwijs en een Europees kader dat de LGBTQIA+ rechten niet enkel beschermt maar ook afdwingt. Medische ingrepen die schadelijk en onnodig zijn worden verboden (bij bv. intersekse kinderen) en we moeten meer investeren in het welzijn van mensen die zich als LGBTQIA+ identificeren door bijvoorbeeld investeringen in Regenbooghuizen.

*Doorheen de hele tekst worden de genders aangeduid met een sterretje (*). Hiermee willen we als Jong Groen aangeven dat het gebruik van deze begrippen niet voor iedereen dezelfde betekenis heeft en dat deze begrippen in een zeer brede zin moet worden geïnterpreteerd (die niet beperkend is of mensen probeert in hokjes te steken).

 


ALLE STANDPUNTEN VAN JONG GROEN BINNEN HET THEMA 'GENDER EN DIVERSITEIT':

  1. Taalverwerving is geen doel op zich, maar wel een manier om de communicatie in de samenleving te bevorderen. De overheid moet alle mogelijkheden om een landstaal te oefenen aanbieden en tegelijk anderstaligen actief ondersteunen.

  2. We moeten in de samenleving af van het neutraliteitsprincipe. De overheid dient dit zeker achterwege te laten en het voorbeeld te geven maar ook in de publieke sector moet het neutraliteitsprincipe achterwege worden gelagen. Mensen moeten in hun job, tot op zekere hoogte, zichzelf kunnen zijn. Als samenleving moeten we evolueren en mee gaan met de moderne tijd, vandaag is onze samenleving divers en deze diversiteit moet overal aan bod kunnen komen.

  3. We passen het subsidie- en wettelijke kader aan om zelforganisatie mogelijk te maken.

  4. We willen een verdeelsleutel voor godsdiensten.

    Het systeem dat vandaag de subsidies voor godsdiensten regelt is niet eerlijk. De kerk ontvangt een disproportioneel voordeel wanneer we dit vergelijken met andere godsdiensten. Alle godsdiensten moeten gelijk behandeld worden. Jong Groen pleit voor een gelijke en eerlijke verdeelsleutel onder alle erediensten. Zo worden buitenlandse geldstromen tegengegaan. Voor religieus cultureel erfgoed wordt een uitzondering gemaakt. Dit erfgoed wordt door de overheid gefinancierd los van de religieuze institutie.



  5. Jong Groen pleit voor een rookverbod in ieder station, op het perron en aan iedere tram- of bushalte.

    We weten allemaal dat roken nefaste gevolgen heeft voor de volksgezondheid. Met deze gedachte in het achterhoofd is het in onze ogen heel respectloos van mensen om te roken op perrons of aan tram- of bushaltes. Dit zijn net plaatsen waar je lang moet staan wachten en een beetje 'gedwongen' bent om in deze kankerverwekkende rook te gaan staan. Als we logisch nadenken moet dit (het roken op deze plekken) gewoon verboden worden uit respect voor onze medemens en de volksgezondheid. Met deze gedachte in het achterhoofd is het in onze ogen heel respectloos van mensen om te roken op perrons, bushaltes en terrassen van restaurants en cafés.

  6. Jong Groen pleit ervoor om het softgebruik van drugs te legaliseren. Het hardgebruik ervan moet worden gedecriminaliseerd. Daarnaast moet een drugsverslaving als een medische aandoening worden gezien.

    Het legaliseren van het softgebruik van drugs en het decriminaliseren van het hardgebruik van drugs zou de maatschappij alsook inclusiever maken, in de zin van het sociaal aanvaarden van deze zaken. Een repressief beleid en een war on drugs heeft de maatschappij steeds vaker ontwricht en maakt regio’s onveilig. Ook komt er bij deze drugsoorlog racisme aan te pas. Dit bijvoorbeeld doordat een groep allochtonen vaker als verdacht zal worden gezien. Onderzoek toont aan dat alcohol schadelijker is in zijn geheel dan de meeste andere drugssoorten.

    De drugs die in België mag worden geconsumeerd dient aan een aantal voorwaarden te voldoen. Hierbij dient rekening te worden gehouden met vanwaar de drugs komt. Drugs die gelinkt kan worden aan internationale criminaliteit moeten verboden worden.

    Door een drugsbeleid te voeren dat niet langer gefocust is op bestraffen en het criminaliseren van deze feiten kunnen we er tevens voor zorgen dat de overheid een zekere kwaliteitscontrole kan garanderen. De overheid kan dan beter toezien op welke drugs verkoopt wordt en kan er tevens voor zorgen dat mensen beter geïnformeerd zullen zijn over welke drugs zij kunnen nemen en wat de gevolgen daarvan zijn. Dit gebeurt vandaag immers te weinig doordat we te weinig inzetten op het normaliseren van druggebruik.

    Op dit moment kan een rechter in Vlaanderen oordelen dat een persoon die drugs gebruikt, doorgestuurd wordt naar hulpverlening of dat deze persoon in de gevangenis terecht komt. In Portugal zal een persoon met een verslaving niet voor de rechter moeten verschijnen. Het gebruik van drugs werd daar gedecriminaliseerd en men opteert nu om een persoon met een verslaving voor een commissie te brengen.

    Deze commissie bestaat uit een advocaat, een dokter, een psycholoog en een sociaal werker. De commissie heeft als doel om de verslaafde te genezen van zijn aandoening. De commissie heeft de macht om kleine sancties op te leggen indien de verslaafde niet wil meewerken. Enkele van deze straffen zijn: boetes van €25 tot €150, tijdelijke beperking om diens beroep uit te mogen oefenen indien men met dit beroep een persoon of goederen in gevaar kan brengen (dokter, buschauffeur,…) een verbod om bepaalde plaatsen te bezoeken, verbod op buitenlandse reizen, verbod om bepaalde personen te zien, regelmatig voor de commissie verschijnen, tijdelijke in beslag name van persoonlijke bezittingen, het wegnemen van een vuurwapen en het recht op een vuurwapen. De commissie heeft de expliciete macht om de straffen op te heffen indien men de behandeling aanneemt. De gevolgen van de invoering van dit systeem in Portugal:

    • Verhoogde therapie opname van druggebruikers (60% stijging)

    • Daling in het aantal vastgestelde HIV patiënten onder druggebruikers (17% daling) en een daling van het aantal druggerelateerde HIV infecties (90% daling)

    • Daling in het aantal druggerelateerde doden (2 e laagst van de EU)

    • Daling van druggebruik bij adolescenten (13-15 jaar) en problematische gebruikers

    • Daling druggerelateerde strafrechtelijke werklast

    • Daling straatwaarde van meeste drugs (de vraag wordt kleiner dan het aanbod)

    • Daling algemene moordcijfers van 1,13 per 100 000 inwoners naar 0,96 per 100 000 inwoners
      Daling bezit van drugs onder jongeren

      Het doel van dit standpunt is om een gelijkaardig systeem als dat van Portugal te implementeren in België, om mensen in nood te helpen. Het is belangrijk dat verslaving erkend wordt als een medische aandoening, zodat mensen niet langer onterecht in de gevangenis belanden waar hun problemen erger worden. Het is belangrijk om het softgebruik van drugs te legaliseren en het hardgebruik ervan de decriminaliseren en verslaafden voor commissies te brengen die behandelingen kunnen opstellen, in plaats van het oordeel te laten vellen door een rechter die hier minder inzicht in heeft.

  7. Er moet een strenger wettelijk kader komen voor ANPR-camera’s.

    Technologie dient niet als onuitputtelijk machtsmiddel om burgers voor onduidelijke doeleinden en zonder transparantie te surveilleren. Technologie is geen natuurkracht. Technologie is niet goed of slecht. Technologie is een keuze. Een keuze die onze samenleving stuurt, beïnvloedt en vormt. Kortom, iets wat helemaal thuishoort op de agenda van een jonge progressieve partij die inzit met mensenrechten, duurzaamheid en sociale gelijkheid.

    Slimme technologieën zijn geen doel op zich, maar komen ten goede van de burgers en burgers moeten te allen tijde controle hebben over de data die ze prijsgeven en weten wie ze kan consulteren, hoe lang ze bewaard blijven en tot welk hoger doel ze dienen. Camera's met gezichtsherkenning zijn een absolute no-go. De privacy van de burgers moet ten allen tijden worden gewaarborgd. Daarnaast moet er tevens streng worden op toegezien dat de slimme technologieën niet leren hoe ze moeten discrimineren.

  8. Taal als middel, niet als doel. We maken meertaligheid overal mogelijk.

    De overheid moet het mogelijk maken om niet alleen in crisisperiodes, maar ook daarbuiten over overheidsinformatie te kunnen beschikken in de meest gesproken talen in ons land. Elke burger moet even goed geïnformeerd worden, ondanks zijn talenkennis. Daarnaast kan anderstalig communiceren geen basis zijn om te discrimineren. Zo zal het kennen van het Nederlands niet worden gekoppeld aan het toekennen van een subsidie, financiële of materiële steun van de overheid of het erkennen van een vereniging. De overheid zet in de plaats in op een actief en open talenbeleid waar ieders taal gerespecteerd wordt en het Nederlands als hulpmiddel en niet als straf gebruikt wordt.

    Ja, taal is gemeenschapsvormend. Maar het is ook iets persoonlijk. Je leert het Nederlands niet omdat je moet, maar omdat je weet dat dat je verder helpt en jij wil communiceren met je medeburgers. Nederlands is geen voorwaarde om een Vlaamse en Belgische burger te zijn, maar het niet kunnen, kan burgers wel confronteren met discriminatie door informatietekort. Daarom is een stimulerend beleid gekoppeld aan meertalige overheidsinformatie noodzakelijk om die drempels weg te werken.

  9. We pleiten er met Jong Groen voor om maximaal in te zetten op een sociale mix in het onderwijs en andere sociale bewegingen en organisaties.

  10. Jong Groen pleit voor een sterk diversiteitsbeleid voor elke gemeente.

    De multiculturele samenleving is een realiteit. Willen we niet dat we anoniem naast elkaar gaan leven, is een lokaal diversiteitsbeleid nodig. Jong Groen vindt het belangrijk dat de gemeente een regierol opneemt om samen met het onderwijs, het middenveld, de privésector en de bewoners een diversiteitsbeleid uit te werken. Een diversiteitsambtenaar stuurt deze processen aan.

    Een sterk diversiteitsbeleid begint bij integratie. De gemeente organiseren samen voldoende cursussen Nederlands voor nieuwkomers en anderstaligen. Anderstalige ouders kunnen op de school van hun kinderen terecht om daar Nederlandse les te volgen. Op deze manier wordt ook de drempel tussen ouder en school verlaagd.

    Jeugdbewegingen en sportclubs kunnen meer leren over omgaan met diversiteit. Een diversiteitsplan voor het jeugdwerk geeft jongeren van welke origine dan ook de kans zich volop te ontplooien. Het OCMW heeft een voldoende hoog budget ter beschikking om de eventuele financiële drempel te verlagen.

    Diversiteitsbeleid is ook een antidiscriminatiebeleid. Vaak nog wordt discriminatie afgedaan als een natuurlijk proces waar we niet te veel in kunnen ingrijpen en waar we dus mee moeten leren leven. Jong Groen is het daar grondig mee oneens. Ongegrond discrimineren is onaanvaardbaar en moet dus tegengegaan worden. Daarom moeten steden blijven investeren in meldpunten voor discriminatie.

    De gemeente moet zelf het goede voorbeeld geven. Bij het aannemen van eigen personeel, samenwerken met organisaties en uitbesteden van opdrachten mag ze op geen enkele manier mensen of groepen discrimineren. Daarnaast is het de taak van de gemeente om discriminatie actief op te sporen, dat kan door meldpunten te installeren waar discriminatie op een laagdrempelige manier kan gemeld worden.

  11. Jong Groen stelt een actieplan op om alle bevolkingslagen toegang te geven tot het web.

    Kinderen uit kansarme gezinnen die thuis geen toegang hebben tot internet, bouwen een extra achterstand op (de zogenaamde digitale kloof), die hen later ook parten kan spelen bij het zoeken naar een job of een degelijke opleiding. Jong Groen gaat voor grootschalige initiatieven: het promoten en aanleren van Open Source software in het (lager) onderwijs, zodat jongeren leren dat er een alternatief is voor commerciële software en hier ook (thuis) mee overweg kunnen, overheidsinitiatieven die breedbandaansluiting goedkoper maken (België is een van de koplopers in Europa wat internet-abonnementsgeld betreft), en openbare ‘hotspots’ waar men zowel gratis kan inloggen en surfen als basiscursussen ICT kan volgen, zodat iedereen op eigen tempo kan bijleren en ICT vaardigheden niet afhankelijk zijn van financiële welvaart.

    Via bewustzijnswording bij jongeren en structurele ondersteuning kan men ook ouders bereiken die de financiële opstap naar het kopen van een pc met internet te hoog vinden. De structurele ondersteuning kan er bijvoorbeeld in bestaan om gecoördineerde acties op te zetten waarbij pc’s uit overheidsdiensten of –organisaties worden geüpdatet en voorzien worden van OS software, zodat zij via Oxfam winkels of kringloopwinkels hun weg vinden naar mensen met beperkte budgetten. Het is niet de bedoeling dat dit gewoon recyclage wordt van verouderde pc’s, maar dat ze een degelijk onderhoud krijgen en worden aangepast aan de noden van de nieuwe gebruikers.

    Wat betreft het bereiken van oudere bevolkingsgroepen, en andersvaliden, wil Jong Groen de nadruk leggen op de gemakkelijke toegankelijkheid van het internet, en de mogelijkheid die het deze mensen biedt om met soortgenoten in contact te komen of hun sociaal contact te vergemakkelijken (via telefoon-over-internet diensten, chat kanalen, fora en blogs). De OS software Drupal (van Belgische origine) is een goed voorbeeld van software die het bouwen van een interactieve website gemakkelijk maakt. Ook diensten zoals anysurfer (www.anysurfer.be ) die websiteontwikkelaars voorzien van richtlijnen m.b.t. gebruiksgemak en kwaliteitslabels op vlak van toegankelijkheid voor mensen die slechtziend zijn of een andere functiebeperking hebben, moeten meer ondersteund worden en het label zou verplicht moeten verdiend worden door websites van overheidsdiensten. Jong Groen kiest voor radicale e-inclusie. Het web 2.0. voor en door iedereen.

    • Open standaarden en bescherming van de consument: De Open Source beweging 1 is niet enkel een fenomeen voor software ontwikkelaars, het is een kans voor iedereen om zich als consument niet neer te leggen bij het monopolie van commerciële bedrijven. OS software geeft gebruikers van software de kans om verbeteringen aan te brengen, of, indien men het programmeren liever aan anderen overlaat, een keuze te maken tussen verschillende alternatieven (meestal gratis). OS staat voor ‘open broncode’, in plaats van de gesloten broncode van commerciële software. OS gebruikersgroepen bouwen samen aan gebruiksvriendelijke software aan de hand van open, interoperabele standaarden, zo kan niemand voor ‘gesloten deuren’ staan bij het willen openen of aanpassen van een formaat. Jong Groen kiest voluit voor OS, zowel in de publieke administratie als het onderwijs, en gaat ook voor de bescherming van de consument wat betreft “vendor lock-in” (het opgesloten zijn door één verkoper of merk): iemand die bv. muziek op het internet koopt en dus auteursrechten betaalt, moet in staat zijn dit op eender welk geschikt apparaat af te spelen, zonder gebonden te zijn aan een bepaald merk van apparatuur. De overheid kan hier regulerend optreden door het verbieden van dit soort lock-ins en toezicht te houden op de patentering van bepaalde muziekprogramma’s en commerciële software. Open standaarden moeten worden gestimuleerd en gesteund, teneinde de gebruiker de vrije keuze te laten.

    • Open Acces tot wetenschappelijke literatuur: Wetenschappelijk onderzoek wordt met belastinggeld betaald, maar het zijn vaak commerciële uitgevers die met de winsten op deze intellectuele goederen aan de haal gaan. Wetenschappers moeten verplicht hun auteursrecht afstaan indien zij in standingvolle tijdschriften willen publiceren, die de wetenschappelijke instellingen op hun beurt torenhoge prijzen aanrekenen om hun onderzoeksresultaten terug te kopen. Via het internet, en met name de ‘Open Access’ beweging, wordt aan wetenschappers de mogelijkheid gegeven hun werk te verspreiden zonder hun eigen auteursrechten (zie www.creativecommons.org ) op het werk te verliezen. De overheid kan hierbij helpen door de wetenschappelijke instellingen te voorzien van degelijke ICT infrastructuren en technische ondersteuning. Wetenschappers moeten worden aangemoedigd en gesteund om voor dit alternatief model van uitgeven te kiezen, zodat hun werk wijder verspreid kan worden en door iedereen gelezen kan worden. Belgisch onderzoek kan zo veel sneller in een stroomversnelling geraken en internationaal furore maken. Het bespaarde geld op de abonnementskosten kan zo ook terugvloeien naar het onderzoek zelf, en ook universiteiten uit ontwikkelingslanden profiteren mee van de vrije toegang tot kennis. Zodoende kunnen zij vanuit de praktijk meer input leveren voor bv. onderzoek naar AIDS, en tegelijkertijd meer te weten komen over de wetenschappelijke ontwikkelingen in Westerse laboratoria. Door de barrière loze toegang tot hoogstaande wetenschappelijke informatie, kan de Belg zichzelf ook beter informeren m.b.t. klimaat problematiek, ziekte en gezondheid, globale tendensen… en zodoende beter geïnformeerde keuzes maken, in plaats van alleen de mediagenieke selectie geserveerd te krijgen.

      Alle voordelen wijzen naar dezelfde weg: Open Access 2 tot wetenschappelijke literatuur!

  12. Alle koppels hebben evenveel recht op een terugbetaling voor een IVF-behandeling.

    Een IVF-behandeling is een mooie, maar ook prijzige optie om mensen te helpen met hun kinderwens. Sinds 2003 wordt deze behandeling grotendeels vergoed door het ziekenfonds. Echter, enkel vrouwen* worden vergoed. Inmiddels is dit dus een gedateerde visie op (het creëren van) leven, het is daarom tijd dat voor een nieuwe wet. Met Jong Groen pleiten we voor een gelijke terugbetaling van IVF-behandeling ongeacht de gender en dit drie keer per persoon. Nu is het namelijk zo dat homokoppels geen recht hebben op terugbetaling en lesbische koppels maar liefst 12 keer vergoed kunnen worden. Wij pleiten ervoor om dit gelijk te trekken: geen benadeelde homokoppels of bevoordeelde lesbische koppels, maar iedereen die een eerlijke, gelijke kans op bevruchting heeft: drie keer per persoon.

    Een bijkomend voordeel is er voor single mannen, die nu helemaal niet vergoed kunnen worden, heterokoppels hebben nog altijd recht op zes behandelingen in totaal. Kortom, een standpunt dat perfect past binnen ons streven naar een gelijkwaardige, eerlijke en gezonde samenleving.

  13. De verplichte wachttijd van 6 dagen tussen de eerste consultatie in het abortuscentrum of ziekenhuis en de ingreep wordt verminderd naar 2 dagen.

    ls je je zwangerschap wilt afbreken, ga je hiervoor naar een abortuscentrum of ziekenhuis. De eerste consultatie bestaat uit een gesprek met een psychosociale medewerker en een medisch onderzoek. Alle bedenkingen en overwegingen kunnen aan bod komen. Het falen van de anticonceptie wordt besproken en er wordt gezocht naar het meest geschikte voorbehoedsmiddel voor de toekomst.

    Je krijgt ook uitleg over de bestaande methodes van zwangerschapsafbreking. Pas 6 dagen hierna kunnen ze de procedure ook uitrollen. De meeste vrouwen* die voor abortus kiezen, hebben die beslissing al gemaakt in hun hoofd nog voor ze een abortuscentrum binnenstappen. Voor die vrouwen* is een wachttijd van 6 dagen lang en belastend.

  14. Termijn om de zwangerschap te kunnen afbreken, breiden we uit naar 18 weken na de bevruchting.

    Elk jaar worden er in België zo’n 17.257 zwangerschappen afgebroken. De laatste officiële cijfers dateren al van 2017. Ongeveer 9 op de 1.000 vruchtbare vrouwen* kiezen voor abortus. Elk jaar zijn er ongeveer 400 à 500 vrouwen* die naar het buitenland moeten om daar abortus te laten uitvoeren.

    Het gaat dan om een klein percentage mensen dat pas heel laat te weten komt dat ze zwanger zijn. Mensen kunnen vaak niet begrijpen hoe je zoiets niet kan weten, maar sommige vrouwen* zijn zwanger zonder dat ze iets merken of hebben een traumatische ervaring beleefd. Ze gebruiken een anticonceptiemiddel en hebben geen enkel symptoom dat op een zwangerschap duidt. Een abortus na 12 weken is inderdaad zwaarder, zowel medisch als psychologisch. Maar het alternatief voor diegenen: naar een ander land gaan om het uit te voeren, zonder terugbetaling, of heel de zwangerschap uitzitten en dan bevallen van een ongewenst kind is veel ingrijpender.

  15. Jong Groen wil dat de wooninspectie een prominentere rol speelt in de strijd tegen discriminatie op de woonmarkt. Dit zowel proactief als reactief. Daarbij krijgt ze specifieke bevoegdheden en wordt ze bijgestaan door experts vanuit het verenigingsleven of ngo’s. Die helpen mee onderzoeksinstrumenten uit te bouwen.

    De Diversiteitsbarometer Huisvesting, een onderzoek van 2014 door het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding, heeft aangetoond dat discriminatie op de huisvestingsmarkt een realiteit blijft. Wat huisvesting betreft komen deze discriminatiecriteria het vaakst voor: huidskleur, nationale/etnische afstamming, nationaliteit, vermogen, handicap, geloof, taal en leeftijd. De huurder moet elementen kunnen voorleggen waaruit een vermoeden van discriminatie blijkt. Zo kunnen bv. een getuigenis, een geluidsopname, een uitwisseling van e-mails of duidelijke tegenstrijdigheden in het verloop van het huurproces worden aangevoerd. Maar die discriminatie aantonen en bewijzen, is niet zo evident aangezien die discriminatie vaak indirect is.

    Daarom wil Jong Groen een organisatie die zich voornamelijk proactief inzet rond het thema, om discriminatie op de huurmarkt aan te pakken en te voorkomen. Iets wat het Minderhedenforum naar aanleiding van het onderzoek in 2014 eveneens eiste. Een dergelijke organisatie zou aantonen dat de overheid het probleem erkent en een proactief systeem wil implementeren. De wooninspectie werkt al rond het thema wonen dus zijn bevoegdheden zouden kunnen worden uitgebreid tot het tegengaan van discriminatie op de huurmarkt. Maar ook een reactief systeem is van belang, dat mensen/diensten waarbij (meerdere malen) discriminatie is vastgesteld, verbaliseert.

    Bovendien wil Jong Groen dat de wooninspectie wordt bijgestaan door mensen met kennis van zaken vanuit het verenigingsleven of bepaalde ngo’s. Die mensen geven bijvoorbeeld advies aan de organisatie rond het opzetten van onderzoeksinstrumenten zoals praktijktesten. Op die manier is er van beide zijden input, zowel op overheidsniveau als vanuit het middenveld.

  16. Jong Groen zet resoluut in op mystery calls en praktijktesten om discriminatie op de huurmarkt in de kiem te smoren.

    Uit het Grote Woononderzoek van het Steunpunt Wonen (2013) blijkt dat 22% van de verhuurders niet verhuren aan mensen van allochtone afkomst, en dat 36% huurders met een huurwaarborg van het OCMW niet ziet zitten. Discriminatie is in Vlaanderen dus nog steeds dagelijkse kost. Maar vaak blijft discriminatie onder de oppervlakte. Dat is problematisch want huurders weigeren op basis van hun afkomst, huidskleur of leeftijd is een misdrijf.

    Mystery calls en praktijktesten kunnen bevestigen of ontkennen wat een potentiële huurder vermoedt. Ze zijn de enige manier om discriminatie zwart op wit vast te stellen. De testen zorgen immers voor onbetwistbare cijfers. Ze vormen het ultieme middel om vast te stellen of iemand de wet overtreedt. Want wie discrimineert, begeeft zich buiten de wet en moet worden gesanctioneerd. Bijgevolg moet er een juridisch kader komen om iets te doen met de resultaten van praktijktesten.

    Voor de uitwerking van mystery calls en praktijktesten baseert Jong Groen zich op een Gents initiatief. Gent startte in oktober 2016 met systematische praktijktesten op de huurmarkt. Tweemaal wordt, door vrijwilligers, geïnformeerd of een huurpand nog beschikbaar is: eenmaal door een huurder met een uitheemse naam en eenmaal door een kandidaat met een Vlaamse naam. Als de eerste kandidaat te horen krijgt dat het pand al verhuurd is terwijl daarna aan de tweede wordt meegedeeld dat het nog vrij is, is er sprake van discriminatie.

  17.  M/V schrappen van de identiteitskaart.

    Identiteit en identiteitskaart: Op dit moment kan je je ‘geslacht’ op je identiteitskaart laten veranderen zonder enige medische vereisten. Je dient gewoon een aanvraag in en na 3 maanden kan je reeds een nieuwe identiteitskaart krijgen. Dit heeft feitelijk als gevolg dat je ‘geslacht’ op je identiteitskaart niet meer je geslacht is, maar je genderidentiteit. Het punt is: je genderidentiteit doet er voor de wet helemaal niet toe, en kan dus perfect van je identiteitskaart verwijderd worden.

    Hokjesdenken? Sommige trans personen willen heel graag “wisselen” van gender. En dat kan dus al een tijdje vrij gemakkelijk. Maar, er zijn ook trans personen die niet per se willen wisselen. Zij voelen zich gewoon niet zo heel erg thuis in hun hokje, maar willen niet per se verhuizen naar een ander hokje. Voor deze mensen is het redelijk idioot, of zelfs confronterend, dat er M of V op hun identiteitskaart staat. Misschien willen ze liever X. Of X met een vleugje M. Of VXX. Er zijn redelijk wat mogelijkheden. Moeten we die allemaal beschikbaar maken op je identiteitskaart? Neen. Haal het er gewoon af. En laat mensen zijn wie ze willen zijn.

  18. Betaalbare anticonceptie.

    Jong Groen pleit ervoor om anticonceptie steeds terug te betalen om bewust ouderschap te promoten.

    Iedereen heeft recht op anticonceptie waarbij die zich goed voelt en die past voor deze persoon, daarom geldt het terugbetalen ervan voor alle vormen van anticonceptie, inclusief het condoom en niet- generische middelen. Om te garanderen dat men geïnformeerd is over de beschikbare middelen, wordt seksuele educatie als luik toegevoegd aan het secundair onderwijs met focus op alle anticonceptie, seksuele oriëntaties en genders.

  19. Seks als zorg, oproep voor een wetgevend kader.

    Seksualiteit is een basisrecht. Er is in onze samenleving een grote groep van mensen die seksualiteit niet op een zelfstandige manier kunnen beleven bijvoorbeeld: ouderen, personen met een handicap of personen met een psychische kwetsbaarheid.

    In België is er een organisatie die aan deze doelgroepen seksuele dienstverlening en intimiteitszorg verleent (vzw Aditi). Belangrijk om mee te geven is dat het hier gaat om een vorm van zorgverlening, en er geen economische motieven spelen (ook niet bij de zorgverstrekkers).

    Toch zijn er aantal drempels:

    - Er is geen wettelijk kader voor seksuele dienstverlening;
    - Er heerst een groot taboe binnen voorzieningen, woon- en zorgcentra en dienstencentra;
    - De intakegesprekken (en dus niet de eigenlijke zorgverlening) worden reeds terugbetaald door sommige ziekenfondsen en door de Vlaamse overheid (voor personen met een handicap). Toch blijft de zorgverlening duur.

    Daarom…
    • Pleit Jong Groen voor een transparant kader voor seksuele dienstverlening;

    • Ijvert Jong Groen voor bewustmakingscampagnes binnen voorzieningen voor personen met een handicap, woon- en zorgcentra, dienstencentra, enzovoort;

    • Pleit Jong Groen om te onderzoeken of de volledige terugbetaling van seksuele zorgverlening mogelijk is.

  20. Sekswerk legaliseren.

    In België heeft men gekozen om sekswerk op federaal niveau te bestraffen maar op lokaal niveau te gedogen. Dit zorgt voor een paradoxale situatie die de sociale positie van sekswerkers niet vooruit helpt. Sekswerkers ondervinden de dag van vandaag heel wat drempels:

    - 90% van de sekswerkers kunnen niet bij hun huisarts terecht. Ze hebben nood aan specifieke gezondheidszorg, psychosociale hulp en andere dienstverlening;
    - Sekswerkers ondervinden heel wat taboes en worden vaak gelinkt met overlast en criminaliteit;
    - In bepaalde gevallen is er sprake van uitbuiting en mensenhandel.

    Het huidige gedoogbeleid gaat de maatschappelijke uitdagingen en de probleemsituaties van een aanzienlijke groep mensen dus niet aan. Bovendien wordt het debat gevoerd over sekswerkers en niet met sekswerkers. We pleiten ervoor om eerst en vooral het debat samen mét sekswerkers te voeren. We moeten het pragmatisch bekijken, zonder sekswerk meteen als immoreel te bestempelen. Sekswerk moet een duidelijk wettelijk kader krijgen en sekswerkers een duidelijk en erkend statuut.

    We willen hier aan de progressieve kant van de discussie trekken: sekswerk legaliseren en zelfs faciliteren, zodat we het kunnen controleren. Een sekswerker werkt voor niemand anders dan zichzelf, uit vrije wil en niet eenmalig. De zelforganisaties, vakbonden en hulpverleningsorganisaties voor sekswerkers (zoals het Brusselse Utsopi of het Gentse Pas op vzw) krijgen hierin een centrale rol. Zij worden niet enkel geconsulteerd tijdens het wetgevende proces. Ze krijgen ook een erkende en officiële rol in het implementeren, beheren en controleren van veilige, gezonde en legale locaties.

  21. Kamers voor intimiteit.

    Alle Vlaamse steden en gemeentes en Brussel dienen publieke kamers voor intimiteit te hebben waar om het even wie kosteloos en in hygiënische en veilige omstandigheden intiem te zijn. Deze kamers zijn niet bedoeld voor prostitutie en er horen gecontroleerd te worden aan de inkom op verdovende middelen. Een zekere sociale controle hoort uitgedacht te worden.

  22. Meer tolkuren voor slechthorenden en organisaties.

    Een dove (of slechthorende) kan vandaag via de Vlaamse overheid een tolk aanvragen indien die dat nodig heeft. Het maximum aantal uren is 36. Dit is veel te weinig en maakt dat slechthorenden minder participeren in de maatschappij. Jong Groen pleit voor een substantiële verhoging van het aantal uren.

    Ten tweede pleit Jong Groen ook voor tolkuren voor organisaties. Vandaag is het ongelofelijk duur voor een organisatie om een tolk Vlaamse gebarentaal in te huren. Dit is normaal, het is een zeer moeilijke job en de tolken verdienen het goed betaald te worden. Desondanks zorgt dat voor een drempel voor erkende organisaties. Daarom pleiten we dat organisaties ook een te bepalen aantal uren krijgen die ze eender wanneer mogen inzetten tijdens hun activiteiten. Jong Groen zou dan een aantal uur per jaar recht hebben op een tolk.

    Ten derde pleit Jong Groen voor een basiscursus Basis Vlaamse gebarentaal in het onderwijs.

  23. Jong Groen pleit ervoor om meer te investeren in zorg voor trans personen.

    De zorg voor trans personen moet kwalitatief goed zitten en de lange wachtlijsten moeten voor Jong Groen tevens worden weggewerkt, waardoor de toegang tot deze zorg veel sneller kan. Om dit te kunnen verwezenlijken dient de overheid meer te investeren in gendercentra. Op deze manier kunnen ze ervoor zorgen dat bv. de psychologen die ondersteuning bieden een goede opleiding krijgen en dat er tevens ruimte is om genoeg mensen, met de juiste expertise, op te leiden.

    De overheid moet tevens meer gratis beurten voorzien voor trans personen wanneer het op professionele begeleiding aankomt. Wanneer de gratis beurten opgebruikt zijn dient dit tevens ook goedkoper te worden gemaakt. We willen dat dit vanuit de federale overheid gebeurt zodat dit over het hele grondgebied van toepassing is en dat alle mensen hier gebruik van kunnen maken en dat het dus niet afhangt van beslissingen van een lokaal bestuur.

  24. Jong Groen pleit voor LGBTQIA+ inclusief onderwijs en dit vanaf de kleuterschool tot aan het einde van de schoolcarrière van leerlingen of studenten.

    We willen dat het onderwijs niet langer enkel aandacht besteed aan traditionele gezins- en relatievormen. Het onderwijs moet, in de meest brede zin, het gezichtsveld verruimen naar het bredere spectrum. Dat gaat van bijvoorbeeld in vraagstukken bij het vak wiskunde inclusiever te gaan schrijven tot in schoolboeken ook foto’s te plaatsen van gezinnen die niet enkel bestaan uit man, vrouw en kinderen.

    Ook bij vakken als bijvoorbeeld seksuele opvoeding moet er breder worden gekeken om zo kinderen en jongeren bekend te maken met een breed spectrum aan relaties en niet enkel traditionele relatie- en gezinsvormen. Het doel moet zijn om iedereen bekend te maken met de diversiteit van onze samenleving.

    Om ervoor te zorgen dat kinderen en jongeren ook steeds terecht kunnen bij iemand moet er tevens geïnvesteerd worden in extra aanspreekpunten op school.

  25. Er moet een verbod komen op operaties bij intersekse kinderen, wanneer deze hier geen expliciete toestemming voor (kunnen) geven. Er moet een ander zorgpad worden uitgewerkt waardoor dit ook uit de taboesfeer wordt gehaald.

    Voor Jong Groen kan het niet dat jonge intersekse kinderen worden geopereerd zonder dat zij hier zelf iets kunnen over zeggen. Zelfbeschikkingsrecht staat hier voor Jong Groen centraal, de keuze moet bij de kinderen zelf liggen wanneer zij klaar zijn om deze keuze te maken en niet bij de ouders of dokters die zelf een beslissing nemen die niet altijd in het belang van het kind zal zijn.

    Om dit te realiseren moet er worden ingezet op een zorgpad, waarbij er niet meteen naar een chirurg wordt gestapt (die vaak geneigd is om meteen te opereren) maar waarbij de kinderarts het eerste aanspreekpunt is en tevens de behandelende arts.

    We vinden tevens dat het feit dat iemand intersekse is uit de taboesfeer moet worden gehaald. Het is geen ziekte en mag dan ook niet zo gezien of behandeld worden. Om ervoor te zorgen dat de taboesfeer wordt doorbroken moet er daarom een verbod komen op het afbeelden van deze mensen als “raar”, “bizar” of “ziek”. Het gebeurt immers vandaag nog steeds dat er artikels worden gepubliceerd waarin staat “kijk wat we nu gevonden hebben”. Zulke zaken moeten verboden worden aangezien die traumatische gevolgen kunnen hebben voor deze mensen op de langere termijn.

  26. Voor Jong Groen moet er een Europees kader komen dat alle EU landen ertoe dwingt om alle huwelijksvormen te erkennen en te voltrekken. Ook het recht om kinderen te krijgen of te adopteren dient hierin te worden opgenomen zodat individuele landen deze rechten niet langer kunnen inperken.

    Voor Jong Groen dienen de mensenrechten altijd te worden gerespecteerd. Het recht om een relatie te hebben met de persoon die jij wil en het recht om kinderen te krijgen zijn basisrechten. Wanneer we vaststellen dat sommige landen binnen de Europese Unie deze rechten niet respecteren moet de EU volgens ons een voortrekkersrol nemen op deze rechten over de hele unie te garanderen zodat alle landen verplicht zijn om deze basisrechten te respecteren. Dat kan, onder andere, door zulke regeringen sneller te sanctioneren voor het schenden van mensenrechten volgens Artikel 7 van het Verdrag van de Europese Unie.

  27. Mensen mogen niet langer worden uitgesloten wanneer het op bloed geven aankomt. Daarom is het voor belangrijk dat ook mensen die tot de LGBTQIA+ gemeenschap behoren bloed kunnen en mogen geven.

    Het zou niet mogen uitmaken met wie je een relatie hebt wanneer het aankomt op bloed geven. Wanneer je gezond bent moet je bloed kunnen geven. Er is geen enkele goede reden om mensen die een relatie hebben met iemand van hetzelfde geslacht uit te sluiten.

    Het Rode Kruis geeft vandaag als hoofdreden aan dat ze mannen die seks hebben met mannen geen bloed laten geven omdat dit volgens hen gepaard gaat met een verhoogd risico op HIV en andere soa’s.

  28. Jong Groen vindt dat de overheid zich officieel moet excuseren voor de verplichte sterilisatie van trans personen. Dit dient te gebeuren via een officiële verklaring met excuses vanuit de federale regering.

    Tot en met 2017 was het verplicht voor trans personen die officieel van geslacht wilden veranderen om een sterilisatie te ondergaan. Deze operaties waren echter nooit medisch onderbouwd en waren dus ook niet nodig, maar werden toch systematisch uitgevoerd. Trans personen werden zo tevens voor een onnodige en onmenselijke keuze gezet: door het leven gaan met een genderidentiteit die eigenlijk niet bij jou past of geen kinderen meer kunnen krijgen, wat een inbreuk is op het principe van lichamelijke autonomie aangezien de keuze voor kinderen je ontnomen wordt.

    Bij de meer dan 1000 mensen die deze verplichte sterilisatie ondergingen zijn er vandaag nog steeds blijvende gevolgen. Daarom vinden we met Jong Groen dat de overheid zich officieel moet excuseren voor de onmenselijke behandeling. Dit moet via een officieel statement vanuit de regering komen (en niet via bijvoorbeeld een tweet). Daarnaast moet er ook gekeken worden naar een financiële compensatie voor de mensen die deze verplichte sterilisatie in het verleden hebben ondergaan.

  29. De Europese Unie moet een veilige haven vormen voor mensen die in hun thuisland gevaar lopen omwille van hun seksuele oriëntatie of genderidentiteit.

    Vandaag zijn er nog steeds mensen die hun thuisland moeten ontvluchten omdat ze er gevaar lopen omwille van hun seksuele oriëntatie of genderidentiteit. Het is belangrijk dat de Europese Unie voldoende middelen vrijmaakt om deze mensen een veilig onderkomen te bieden in de EU. Deze mensen dienen steeds te worden opgevangen, zonder uitzonderingen.

    De procedure voor een dergelijke asielaanvraag dient veilig en met respect voor alle mensenrechten te verlopen. Dat wil zeggen zonder pijnlijke toestanden waarbij iemand diens seksuele oriëntatie of genderidentiteit dient te bewijzen maar ook dat dit gebeurt zonder samenwerking met dubieuze regimes via ‘identificatie missies’.

    Om ervoor te zorgen dat deze mensen in veilige omstandigheden kunnen leven dient de EU tevens te investeren in organisaties die de LGBTQIA+ rechten in deze landen proberen te verzekeren en die de mensen die gevaar lopen te helpen.

  30. LGBTQIA+ fobie moet juridisch meer erkend en aangepakt worden.

    Zo horen racisme, discriminatie en LGBTQ-fobie gelijk gesteld te worden in de strafwet en horen ze allemaal een duidelijkere plaats te krijgen binnen het politieke en juridische debat. LGBTQ-fobie moet juridisch meer erkend en aangepakt worden. Zo horen racisme, discriminatie en LGBTQ-fobie gelijk gesteld te worden in de strafwet en horen ze allemaal een prominentere plaats te krijgen binnen het politieke en juridische debat.

  31. Voor Jong Groen is het belangrijk dat er meer wordt geïnvesteerd in Regenbooghuizen.

    Maatschappelijk moet er meer gewerkt worden aan een inclusievere werking tussen de verschillende minderheidsgroepen. De overheid dient daarom deze Regenbooghuizen voldoende te ondersteunen. Regenbooghuizen* zijn ontmoetingsplaatsen voor mensen van de LGBTQIA+ community. Ze dienen als aanspreekpunt voor alles wat mat met seksuele oriëntatie te maken heeft alsook voor alle wat te maken heeft met genderidentiteit en -expressie. Daarnaast zijn het ook instellingen die dienen als informatiepunt en die campagnes organiseren om LGBTQIA+ rechten op de agenda te brengen.

    Omwille van deze belangrijke functies dient de overheid genoeg te investeren in deze Regenbooghuizen opdat deze genoeg middelen hebben om alle mensen die het nodig hebben de juiste ondersteuning te bieden.

  32. België moet LGBTQIA+ rechten opnemen in de Grondwet.

    Voor Jong Groen is het belangrijk dat LGBTQIA+ rechten ten allen tijde worden gerespecteerd. Deze rechten zijn verworven rechten en moeten dus ook ten allen tijde beschermd worden. Om te vermijden dat deze rechten zouden kunnen worden ingeperkt, of zelf kunnen worden afgeschaft, wanneer bepaalde politieke groeperingen aan de macht komen moeten deze worden opgenomen in de Grondwet.

    Wanneer deze rechten zijn opgenomen in de Grondwet wordt het zeer moeilijk en zelf quasi onmogelijk om aan deze rechten te komen. In tijden waar we zien dat in landen die lid zijn van de Europese Unie deze rechten worden ingeperkt dient dit te gebeuren om in de toekomst deze rechten te kunnen beschermen.

 

 

Overzicht van alle standpunten van Jong Groen per thema:

armoedebestrijding en leefomstandighedendeMOcratie en staatsstructuureuropa en internationale politiekgender en diversiteitENergieLokaalMIgratiemilieu en klimaatonderwijs, jeugd en vrijetijdsbestedingvoedselsystemenwelzijn en samenlevenwerk en economiemobiliteitinterne richtlijnen

 

Check hier de standpuntenbundel met alle standpunten van Jong Groen.
(pdf, laatste update Amendementencongres 2021)


Word 'standpuntenliefhebber' bij Jong Groen

Als standpuntenliefhebber werk je mee aan het opstellen van nieuwe standpunten die ter goedkeuring worden voorgesteld aan leden. Je denkt mee na over wat we doen met de huidige standpunten of over hoe we leden meer kunnen betrekken bij het stemmen van onze standpunten via e-democracy. Je bent ook zeker welkom als je mee wil werken aan de voorbereiding van ons congres of gewoon heel wat wil opsteken over Jong Groen standpunten.

Check hier de vrijwilligersvacature en ... doe mee!

 

Contact

Kilian Vandenhirtz

bestuurslid Basisdemocratie & Standpuntenbepaling
[email protected]

 


Paola Travella

covoorzitster Jong Groen (perscontact)
[email protected]

#detoekomstisvanons