Wat na 2014?

Wat na 2014? Afghanistan mag niet aan zijn lot worden overgelaten!

Het jaar is nog maar net begonnen en er zijn al twee buitenlandse NAVO-soldaten omgekomen in Afghanistan. Het lijkt er op dat de guerrillastrijd in de Zuid-Aziatische republiek ook in 2011 ongehinderd zal doorgaan. Er zullen terug honderden NAVO-soldaten en duizenden burgers sneuvelen. Volgens iCasualties.org zijn sinds het begin van de oorlog (in 2001) al twintigduizend burgerslachtoffers gevallen.

Dan rijst voor mij toch de vraag of deze oorlog, een oorlog zonder enig uitzicht op een einde, het allemaal wel waard is. Gelukkig beginnen de NAVO-troepen dit jaar terug te trekken en zouden ze volledig weg zijn in 2014.

Maar is er ook nagedacht over de humanitaire hulp die de Afghaanse bevolking nodig zal hebben na het terugtrekken van de troepen?

Het grootste risico op voedselonzekerheid doet zich voor in Afghanistan, waardoor 1 op 7 kinderen sterft in zijn eerste levensjaar door onder andere ondervoeding. Maar liefst 20% van de Afghaanse kinderen haalt de 5 jaar niet.

Over enige emancipatie van het vrouwelijk geslacht is er in Afghanistan ook geen sprake. Slechts 10% van de Afghaanse meisjes schrijft zich in bij een secundaire school en 40% van de vrouwen trouwt voor ze de leeftijd van 18 bereikt hebben. Bovendien heeft de Taliban sinds het begin van de oorlog al 40 meisjesscholen opgeblazen.

De tot nu toe bijna 10 jaar durende gewelddadige oorlog heeft op humanitair vlak nog bijna niets van vooruitgang opgeleverd. Daarom wordt het hoog tijd om ook na te denken over een strategie om eventuele VN vredestroepen naar het in 2015 ex-oorlogsgebied te zenden. Die vredestroepen kunnen dan op een geweldloze manier helpen om van Afghanistan een duurzaam land te maken. Ze zouden bijvoorbeeld kunnen helpen met het opbouwen van scholen, moderne en betaalbare huizen en fabrieken en die dan ook bewaken. Volwassen vrouwen zouden les moeten krijgen over hun rechten en plichten en over voorplanting, wat als gevolg het taboe rond seks in de Afghaanse cultuur moet doorbreken. Mannen zou ook geleerd moeten worden dat ze helemaal het recht niet hebben om vrouwen als minderwaardig te aanzien en hen te misbruiken. Er zouden strenge straffen moeten zijn als vrouwen mishandeld worden. Goed georganiseerde meldpunten voor vrouwen waar ze op een veilige en discrete manier hun verhaal kunnen doen, zouden dit kunnen controleren. Hierdoor zou niet alleen de emancipatie van de vrouw in Afghanistan een enorme vooruitgang boeken,  ook het probleem van de overpopulatie waarmee de wereld (dus ook Afghanistan) de komende decennia te maken zal krijgen, zou voor een stukje gehandhaafd worden.

Ook Staffan De Mistura, de hoogste VN-functionaris in Afghanistan, heeft al gezegd dat de oplossing voor Afghanistan niet militair is.

Terugtrekken was een goede economische en sociale beslissing voor alle NAVO-landen en Afghanistan, maar nu moet er nog veel politieke moed bijeen gezocht worden om na 2014 Afghanistan te helpen opbouwen tot een welvarende staat.

Rémy Bonny was Belgisch ambassadeur bij het internationaal jongerenpanel rond de opwarming van de aarde en is lid van Jong Groen!. Hij is 15 jaar.