Kwalitatieve cultuurparticipatie van onderuit

Participatie is een hip begrip, het duikt te pas en te onpas op. Er wordt echter te weinig voor echte participatie gekozen. Naast werk maken van beleidsparticipatie moet de overheid ook een participatiebeleid voeren naar specifieke sectoren, zoals cultuur. Het gaat wel om een participatiebeleid waarin kwaliteit centraal staat.

Jong Groen! wil niet alleen zoveel mogelijk mensen laten participeren aan cultuur, maar wil vooral dat iedereen in aanraking kan komen met diverse cultuurvormen. Het is net het veelzijdige van cultuur dat een verrijking vormt. Dit doe je niet door een volledige vermarkting van de culturele sector en een afbouw van het subsidiebeleid waar de liberalen voor pleiten. Mocht je het liberale discours in de praktijk brengen, heb je binnen de kortste keren commerciële eenheidsworst.

Voor Jong Groen! is cultuur geen waspoeder. Kunst en cultuur zijn te belangrijk om over te laten aan de grillen van de markt. Ze vervullen een essentiële rol in een levende democratie door een bijdrage te leveren tot de persoonlijke ontplooiing van elke mens. Kunst en cultuur zitten ingebed in emancipatie en burgerschap. Vanuit die visie staat Jong Groen! voor een cultuurbeleid waarbij de overheid zich niet moeit met de inhoud, maar een ondersteunend kader creëert met heldere criteria.

Een cultuurbeleid dat oog heeft voor de vraag vertrekt uiteraard van onderuit, vertrekt uit wat leeft in buurten en wijken. Het huidige cultuurparticipatiebeleid vertrekt echter vanuit het aanbod. Jong Groen! kiest voor een vraaggestuurd beleid. Wat leeft bij de mensen? Het zijn veelal de lokale initiatieven die erin slagen jong en oud, allochtoon en autochtoon samen te brengen. De overheid mag die initiatieven niet recupereren, niet inkapselen, maar moet ze ondersteunen en prikkelen waar nodig.

Kwalitatieve sociaal-artistieke praktijken, die zich specifiek richten op vergeten en kwetsbare groepen in de stad, moeten extra ondersteund worden. Het is die werkvorm en het zijn die werkingen die erin slagen doelgroepen te bereiken, die anders niet tot zeer moeilijk bereikt worden.

Het gaat natuurlijk niet alleen over zoveel mogelijk mensen laten proeven van cultuur, maar ook iedereen de kans geven om zelf te creëren, om zelf kunstenaar te zijn én een publiek te bereiken. Culturele centra zouden veel meer naar buurten en wijken moeten trekken in plaats van te vertrekken uit hun infrastructuur. Naast het meer op locatie gaan, moeten culturele centra ook meer aandacht besteden aan lokale actoren. Zo kunnen de lokale jonge muziekanten in plaats van in papa's garage misschien eens spelen in de moderne, nieuwe architectuur van het Cultureel Centrum.

Thema: