Interimjobs voor schoolverlaters?

Interimjobs voor schoolverlaters?
Er zijn grenzen aan de uitzendarbeid, ook voor jongeren

Het feest van de Arbeid en Rerum Novarum vallen dit jaar samen. Ongetwijfeld komen er opnieuw ronkende verklaringen van politici over de aanpak van werkloosheid. Vooral werkloze jongeren zijn in die speeches vaak erg populair. De boodschap is duidelijk: meer jongeren moeten aan de slag, want jonge arbeidskrachten horen niet thuis te zitten. De vraag is of het doel per se alle middelen heiligt?

Onder impuls van SP.A-minister van Werk, Frank Vandenbroucke, duikt de aanpak van de jeugdwerkloosheid nu ook op in het prioriteitenlijstje van de Vlaamse regering. Onder meer via het Jeugdwerkplan in de dertien centrumsteden worden jonge werkzoekenden extra intensief begeleid. De VDAB speelt kort op de bal en verspreidt de vacatures voortaan zelfs via sms'jes. Voor jongeren die niet meteen aan de slag kunnen, dreigt een schorsing door de RVA. Ook voor wie de gesprekken met de VDAB-consultant mist, is het einde van de werkloosheidsuitkering in zicht. En wat dan? Deze jongeren verdwijnen weliswaar uit de werkloosheidsstatistieken, wat op het eerste zicht goed is voor de Vlaamse regering, maar eens geschorst, loopt het voor heel wat jongeren definitief mis. Ze verdwijnen naar het OCMW en slagen er nog moeilijk in om een boeiende job te vinden.

Nu heeft minister Vandenbroucke nog een bijkomend stok gevonden om onze jongeren de arbeidsmarkt op te jagen: interimjobs via sms'jes opleggen. Terwijl zijn partijgenoten Hans Bonte en Meryame Kitir, een verdienstelijk voorstel opstelden om de uitwassen in de uitzendarbeid te beteugelen, onderhandelt minister Vandenbroucke op Vlaams niveau met Federgon, de koepel van de uitzendsector, om vanaf 1 juni 2008 jongeren ook te bestoken met sms'jes voor uitzendjobs. Jongeren die een uitzendjob zouden weigeren, verliezen dan hun uitkering.

Natuurlijk mogen jongeren zich niet nestelen in de werkloosheid, maar het huidige beleid van minister Vandenbroucke gaat volgens ons te makkelijk voorbij aan een aantal belangrijke taken. Cruciale kwesties zoals de kwaliteit van de aangeboden vacatures, de integratie op de arbeidsmarkt van minder weerbare jongeren, de begeleiding van pas werkenden en de vraag hoe men de activering op een sociaal rechtvaardige wijze vorm kan geven, lijken minder relevant. Het beleid is vooral gebiologeerd door de maandelijkse werkloosheidscijfers, schijnbaar de enige maatstaf op het Vlaamse kabinet Werk.

Achter de op het eerste zicht fraaie activeringsresultaten tekent zich echter een zorgwekkende evolutie af naar steeds meer tijdelijke arbeid met zelfs dagcontracten. Geen probleem, menen de believers van de uitzendsector. Interimjobs betekenen immers een opstap naar een vaste betrekking. In de praktijk is dat helaas vaak niet het geval. Zo moest Frank Vandenbroucke op 13 februari tijdens een debat in het Vlaams parlement toegeven dat maar liefst meer dan 20% van de jongeren via het Jeugdwerkplan in een interimjob stapt en daar ook blijft.

Aanhangers van de interimarbeid zien geen graten in het onzekere, weinig duurzame karakter van vele uitzendjobs. Voor jongeren kan dat toch geen probleem zijn, menen zij. Niets is minder waar. Jonge uitzendkrachten komen vaak terecht in een werkomgeving die enkel rekening houdt met de tijdelijk geleverde arbeidsproductiviteit. Omkadering en begeleiding zijn geen issue, want wie wil er nu investeren in iets tijdelijks? Nochtans is het voor jongeren, en zeker voor schoolverlaters zonder diploma, net cruciaal dat ze langzaam maar zeker nieuwe vaardigheden kunnen ontwikkelen op de werkvloer.

Klopt, sommige interimjobs zijn inderdaad een opstap naar vast werk. Maar voor 20% van de jongeren blijven vele interimjobs tijdelijk, zwaar en zonder perspectief. Het zijn precaire restjobs, met weinig arbeidskwaliteit. Jongeren die noodgedwongen moeten hoppen van de ene uitzendjob naar de andere, flirten vaak met de armoedegrens. Een recente studie van de socialistische vakbond, het ABVV, bevestigt dat een vijfde van de loontrekkenden niet rond komen met het inkomen. Als je geen vaste werkbetrekking hebt, kan je geen lening krijgen om een woning te kopen en ben je noodgedwongen aangewezen op de zeer dure private huurmarkt. Ook de toegang tot hospitalisatieverzekeringen of tot pensioenfondsen als aanvulling van de eerste pensioenpijler is voor the lucky few. Interimarbeid stimuleren heeft dus verstrekkende gevolgen voor de betrokken jongeren.

Vorige week maakte een doctoraatsonderzoek van Dieter Verhaest (UGent) nog duidelijk dat er werkelijk iets mis is met de integratie van jongeren op de arbeidsmarkt. 60 procent van de eerste jobs zijn tijdelijk, en maar liefst een derde van de jongeren komt terecht in een job onder zijn/haar niveau met een minder sterke ontwikkeling en een verlies aan arbeidsvreugde als gevolg. Aan de vooravond van 1 mei en Rerum Novarum willen Groen! en Jong Groen! daarom een lans breken voor duurzame tewerkstellingskansen voor jongeren. Binnenkort zullen immers opnieuw duizenden jongeren de schoolbanken ruilen voor een plekje op de arbeidsmarkt. De rugzak van deze jongeren zit vol dromen, veel vraagtekens, maar vooral een toekomst die nog vorm moet krijgen. Schiet die dromen niet aan flarden met sms'jes voor interimjobs.

Mieke Vogels, voorzitter Groen!
Kristof Calvo, woordvoerder Jong Groen!

Deze opiniebijdrage werd gepubliceerd in De Standaard op 31/04/'08.