De economie van de toekomst is nabij

De economie van de toekomst staat haaks op Ford Genk vandaag. Niet alleen omdat de rol van de wagen uitdooft, maar ook omdat werkzekerheid vooral bij de lokale economie te vinden zal zijn.

Meer en meer mensen kiezen voor leefbaarheid in de stad. De wagen aan de kant zetten is daarbij noodzakelijk. Niet alleen om de impact op het milieu te verkleinen, maar ook om een veilig en snel vervoer mogelijk te maken.

Met een overproductie aan wagens zag iedereen van mijn generatie in de auto-industrie een ramp als bij Ford aankomen.

Wat ons betreft is het tijd om werk te maken van een duurzame economie. De industrie heeft in ons land zeker nog een toekomst, maar alleen als we vandaag met een groene overgang beginnen. Alle politieke niveaus hebben hier een rol in te spelen.

De traditionele partijen stemmen hun beleid af op maat van de grote ondernemingen, vaak multinationals, om meer tewerkstelling te creëren of te behouden. Een stabiele arbeidsmarkt en overzeese speculatieve beslissingen slaan echter als een tang op een varken. Multinationals strijken hier neer, krijgen verschillende fiscale voordelen en wanneer de winstmarges kleiner worden, dumpen ze de (jongere en oudere) werknemers die dag in dag uit het beste van zichzelf hebben gegeven om daarna ergens anders dit scenario te herhalen.

De notionele intrestaftrek staat 95% ten dienste van de grote multinationals. Waarom discrimineren we onze lokale economie? Laat ons kleinere, creatieve bedrijven ondersteunen. Bijvoorbeeld KMO's die voortbouwen op sociaal ondernemerschap, lokaal verankerd zijn en inspelen op wat mensen echt nodig hebben. Dit zou een stabiele, veerkrachtige arbeidsmarkt en perspectief voor werknemers creëren.