In de box bij Stefaan Walgrave

De zomervakantie is volop bezig en de universiteitslokalen liggen er maar verlaten bij in Antwerpen. Onze stappen weergalmen in de inkomhal en een trap leidt ons naar de verdieping waar proffen en assistenten elk in hun kleine boxen - die dienst doen als bureaus - nog ijverig aan het werk zijn.

Stefaan Walgrave is departementsvoorzitter Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. In de eerste plaats is hij onderzoeker, politicoloog, liever nog dan lesgever. Hij begon zijn academische carrière met een doctoraat over Agalev, waarin hij zich boog over de vraag of er sprake was van een groene verzuiling. Sinds 1995 heeft hij het onderzoek naar Agalev losgelaten, bezweert hij ons. "Vroeger was ik een Agalev-specialist, maar nu al lang niet meer." Tegenwoordig gaat zijn interesse voornamelijk uit naar politieke communicatie, protestbewegingen, politieke participatie en uiteraard ook naar verkiezingen. Laat ons nu net daarover een aantal vragen voorgelegd hebben aan de professor.

De politieke crisis van het voorbije jaar heeft één grote verdienste, namelijk dat academici zoals u veel tijd hebben om analyses te maken. Hoe heeft u die tijd beleefd?

Ik leid aan een acute analyse-moeheid. We houden ons meer dan een jaar bezig met navelstaarderij. Wat kunnen we als politicologen nu nog zeggen wat nog niet gezegd is? Als ik kijk naar opiniestukken in de krant, lees ik niets nieuws meer. Staat daar één nieuw idee in? Neen. Ik heb ze ook niet, maar ik schrijf dan ook geen opiniestukken... Bovendien is het politieke leven totaal onvoorspelbaar geworden. Wij, politieke wetenschappers, gaan ervan uit dat politici gedreven worden door de ratio. Sommige gebeurtenissen zijn echter totáál onbegrijpelijk. En op dat moment schieten onze kaders dus tekort. Het is totaal irrationeel voor de meeste partijen om nu de regering te laten vallen en in 2008 naar verkiezingen te gaan, maar het kan. Net zoals de splitsing van het land absurd is, maar het kan.

Carl Devos, politicoloog van de Universiteit Gent, merkte een tijdje geleden op dat de crisis net voor meer politieke interesse heeft gezorgd bij ‘zijn' studenten. Dat is dus niet meteen uw aanvoelen?

Ik denk dat de moeilijkheden die we hebben gehad met de regeringsvorming in 2007 inderdaad de politieke interesse konden verhogen. Ondertussen duurt het te lang. Het is spannend geweest, maar de nieuwsgierigheid naar wat er gaat gebeuren, heeft plaatsgemaakt voor een soort van gelatenheid.

Historicus Herman Van Goethem, ook van de UA, vergelijkt de huidige crisis in met de problemen in Ierland en Servië.

De polarisatie is natuurlijk minder. Op dit moment is er geen geweld en ik denk ook niet dat er geweld zit aan te komen. De crisis is eerder symbolisch, het gaat niet echt om bloed en bodem. In de rand van Brussel is er wél echt polarisatie. Maar spreken van Ierse of Servische toestanden vind ik wat overtrokken.

Hoe verhoudt de huidige crisis zich tot eerdere grote clashes in de Belgische politiek, zoals de schoolstrijd en de koningskwestie?

Het grote verschil is dat het vandaag niet overslaat naar de straat. Eigenlijk is dit een politieke crisis. De grote crisissen, daar kwamen honderdduizenden mensen voor op straat, het middenveld was actief. Dat is op dit moment volledig afwezig.

Is deze crisis dan gecreëerd door het politiek systeem?

Soms begrijp ik ze niet, de politici. Ze lijken wel lemmingen die zich in een afgrond storten: communautair polariseren, terwijl men weet dat men zich met deze standpunten in een onmogelijke positie wringt. Dat is eigenlijk onverantwoord gedrag. Natuurlijk doen partijen, bijvoorbeeld CD&V, dat om electorale redenen. Open VLD steekt zijn nek niet uit, maar zegt "als het voor CD&V goed is, is het voor ons ook goed". Zij vinden blijkbaar dat ze het zich niet kunnen veroorloven om communautair afstand te nemen van CD&V, terwijl de communautaire polarisatie sinds 1991 nauwelijks is toegenomen. Er is dus een enorme kloof ontstaan tussen de politieke elites en de bevolking.

Ik erger mij blauw aan politici die zeggen dat we de staatshervorming nodig hebben voor de welvaart van Vlaanderen. Dat zal wel, maar daar ga je de Franstaligen toch niet mee overtuigen? Ze moeten zeggen: we hebben die staatshervorming nodig voor de welvaart van België. Dáárover gaat het, godverdekke (klopt op tafel). En ik geloof dat de staatshervorming nodig is om de dynamiek van de regio's ten volle te kunnen laten spelen, maar dan moet je de Franstaligen overtuigen dat het niet in hun nadeel is.

Politici die er niet in slagen om de juiste argumenten te gebruiken, kunnen we misschien beschouwen als onbekwaam. Is de kwaliteit van ons politiek personeel werkelijk afgenomen? Is dat een onderdeel van de crisis?

Het grote verschil is dat de huidige generatie politici in een situatie verkeren waarbij de banden met de andere gemeenschap en de Belgische reflex structureel veel minder sterk zijn. Je zit met het feit dat de regionale parlementen sinds 1999 rechtstreeks verkozen zijn. Als Vlaamse politici vroeger soms ook Belgische politici waren, konden zij vanuit die verschillende invalshoeken naar een probleem kijken. Nu zijn die werelden volledig gescheiden, waardoor de politici vaker een puur Vlaamse, Waalse of Brusselse reflex hebben.

De enige plaats waar de verschillende gemeenschappen gedwongen worden om samen te werken, is de federale regering. Je kan dus stellen dat de eenheid van het land afhangt van die 15 ministers en daarbinnen van het kernkabinet. Maar de hele onderbouw is structureel gericht op het affirmeren van de eigen identiteit. Zo merk je dat de woorden polariseren en paralyseren dicht bij mekaar liggen. Als we ervan uit gaan dat we België niet splitsen, ja, dan moet België beter gaan functioneren. En dan denk ik aan een federale kieskring, die de centrifugale krachten een klein beetje kan corrigeren.

Voor de verkiezingen was dat concept onbekend. Tot een aantal academici, waaronder uzelf, via de Paviagroep voor een federale kieskring ging ijveren en nu is het idee van een federale kieskring bijna mainstream.

Het initiatief is uitgegaan van Kris Deschouwer, VUB-politicoloog. Nadien we hebben ook onze ideeën getoetst bij verschillende politici. Is dat onze rol als academici? Ja, als je ziet dat ons land slecht functioneert... We hebben heel zorgvuldig nagedacht over het voorstel, want je zou ook een federale kieskring kunnen maken die de polarisatie nog doet toenemen. Als je geen quota instelt voor het aantal Nederlandstalige en Franstalige zetels, dan wordt er in beide landsdelen alleen maar opgeroepen om niet te stemmen voor ‘de andere kant'. Een federale kieskring zonder quota, is ongetwijfeld iets wat Bart De Wever wel ziet zitten, maar dat zou volgens mij een communautaire ramp betekenen.

SPRONG NAAR LINKS

Als we kijken naar de verkiezingsuitslag van 10 juni is dat een dieptepunt voor de linkse partijen. De meest recente peilingen wijzen uit dat het nog erger kan: progressief Vlaanderen haalt amper 20%. Hoe komt dat toch, vragen wij ons al een tijdje af?

Het is natuurlijk iets te eenvoudig om de term progressief Vlaanderen te beperken tot groen en rood. Wat doe je dan met het ACW? Beide partijen zijn natuurlijk niet in goeden doen, maar is dat structureel? Amper 5 jaar geleden haalde sp.a nog haar beste score sinds de jaren '70. Ik denk niet dat de sociaal-economische onderstroom in de maatschappij rechtser wordt. De publieke opinie is wel rechtser geworden wat de nieuwe sociale breuklijn betreft: criminaliteit, migranten, waarden & normen. Het succes van rechtse partijen heeft vooral daarmee te maken.

Waar zit dan dat grote verschil tussen Groen! en Ecolo, dat het veel beter doet?

Ik denk dat de PS een veel conservatievere partij is dan sp.a, waartegen Ecolo zich makkelijker kan afzetten. Probeer je maar eens te profileren ten opzichte van sp.a op het kernenergiethema, bijvoorbeeld. De socialisten zitten in de regering en spreken zich uit tegen kernenergie. Hoe kan Groen! dan nog zeggen dat het alleen door háár is dat de uitstap uit de kernenergie er komt?

Zit er dan toch muziek in de kartelformule? De progressieve frontvorming?

Wel, het kartel sp.a-VlaamsProgressieven is een aflopende zaak. Ik denk niet dat het voor Groen! goed zou zijn een kartel aan te gaan met de sp.a. Zoals ik de groene partij ken, met een werking van vooral veel vrijwilligers, kan ze in een partnerschap met de sp.a nooit op voet van gelijkheid worden behandeld. Bovendien is de bedoeling van een kartel dat je samen meer stemmen haalt dan je apart zou halen. Om als groter blok een grotere rol op te eisen. Maar is er een kans dat sp.a de volgende premier zal leveren, als ze in kartel zitten met Groen!? Ik dacht van niet!

Wat Groen! sp.a wel moeten benijden, is de manier waarop ze er steeds in slaagt om politiek talent aan te trekken en te positioneren - niet dat ik Caroline Gennez zo'n groot talent vind. Het is bij hen natuurlijk ook veel makkelijker: doordat het een grotere partij is, doordat ze kabinetten hebben, is er veel meer instroom. Bij Groen! moet je echt een idealist zijn: je kan er immers geen gegarandeerde carrière maken.

Maar is het niet zo dat die leerschool voor jonge politici de laatste jaren minder uitgesproken is?

Ja, dat klopt. Mensen worden politici in de media. Groen! krijgt voor haar stemmenpercentage eigenlijk relatief veel media-aandacht. Maar of je nu voor 6% of voor 8% aandacht krijgt, dat verschil is niet zo groot. Ik denk dan ook dat het belangrijk is om echte boegbeelden te lanceren, een beetje tegen de groene ideologie in. De ongelofelijk egalitaire - en ik ben daar vóór - manier van werken maakt het heel lastig om mensen naar voor te schuiven. Mieke Vogels bijvoorbeeld is een fantastische politica. Zij kan als geen ander de groene boodschap vertalen: je kan je best nog amuseren en genieten van het leven én een groene zijn.

In het begin van uw academische carrière hebt u geruime tijd Agalev bestudeerd. Wat maakt groene partijen toch zo bijzonder, zo interessant voor sociale wetenschappers?

Wetenschappers zien in de jaren '70 plots een nieuwe partijfamilie ontstaan. Je hebt in heel Europa rond hetzelfde tijdstip overal groene partijen zien opkomen, los van mekaar. Ecologische partijen groeien in geen tijd uit tot stabiele nieuwe onafhankelijke ideologische stroming. Bovendien hebben groene partijen geprobeerd om op een andere manier aan politiek te doen, veel minder hiërarchisch, veel minder autoritair. Groen! wil eigenlijk functioneren waarop ze wil dat de samenleving functioneert. Vele wetenschappers hebben dat beschouwd als een boeiend experiment. Daarnaast is er natuuurlijk ook het feit dat heel veel sociale wetenschappers gewoon links georiënteerd zijn. En dan is het niet leuk om dagelijks extreem-rechts te onderzoeken. Ik zou niet graag onderzoek voeren naar het Vlaams Belang.

Waarvoor dank.

auteurs: Sara Geets en Kristof Calvo