Voor een nieuw België
Terwijl voor Jean-Luc Dehaene de deadline om de BHV-knoop te ontwarren nadert, kijkt Jong Groen! al vooruit. In een visietekst, getiteld "Nieuwe structuren voor een nieuw België", kiest Jong Groen! ondermeer voor een federalisme met drie gewesten, een federale kieskring, een nieuwe financieringswet en meertalige administraties.
Nieuwe structuren voor een nieuw België
1. Een koning met politieke macht is ouderwets en antidemocratisch. Het is aan verkozen politici om regeringen te vormen en wetten te legitimeren. Alleen wanneer de monarchie een louter ceremoniële functie heeft, is het democratisch te verantwoorden. De kostprijs van het koningshuis moet bovendien gevoelig afnemen. Alleen de koning en zijn eerste troonopvolger hebben recht op een beperkte dotatie.
2. Om België te laten functioneren als een volwassen, efficiënte en democratische federale staat, zijn institutionele hervormingen noodzakelijk. Het federale niveau moet evolueren naar een niveau met een in de Grondwet (artikel 35) afgebakend pakket bevoegdheden (fiscaliteit, sociale zekerheid, buitenlandse betrekkingen,defensie, politie en justitie) en een duurzame financiering. Voor de andere bevoegdheden zijn de regio's verantwoordelijk, die daarbij ook met elkaar moeten kunnen samenwerken.
3. Het naast elkaar bestaan van Gewesten en Gemeenschappen maakt België te complex. De federale staat van de toekomst is er een met drie Gewesten: het Vlaamse Gewest met Nederlands als stuurstaal, het Waalse Gewest met Frans als bestuurstaal en het tweetalig Hoofdstedelijk Gewest Brussel. De gemeenschappen verdwijnen dus en het Waalse en het Brusselse Gewest worden zo ook verantwoordelijk voor de persoonsgebonden materies. De Duitstalige Gemeenschap dient haar eigenheid niet volledig op te geven: Duits blijft een officiële landstaal, het kan fungeren als een streekgewest met uitgebreid bevoegdheidspakket.
4. Taal is een middel, geen doel op zich. Het wordt tijd dat we in België op een andere manier naar taal kijken. Het taalfundamentalisme van Vlaams-nationalisten of rabiate francofonen vraagt energie die we beter kunnen investeren. Ambitie moet zijn om te evolueren naar een klantgerichte, dus meertalige overheid. Administraties zijn er om burgers te helpen, ook als zij anderstalig zijn. Een beperkt aantal cruciale diensten en documenten moeten in het hele land in meerdere talen aangeboden worden: in de drie landstalen en in het Engels. De specifieke taalfaciliteiten in bepaalde gemeenten worden op die manier overbodig en dus afgeschaft.
5. De meerwaarde van het bicameralisme is onbestaande, dus de Senaat moet zo snel mogelijk afgeschaft worden. De Senaat lijkt vandaag wel een tewerkstellingsprogramma voor politici. De instelling draagt niet bij tot de dialoog tussen de gemeenschappen en zorgt niet voor beter wetgevend werk. Met interministeriële conferenties (met een transparante agenda en op regelmatige basis om proactief communautair gekibbel te vermijden) en intra- of interparlementaire reflectiegroepen kunnen we de taken van de Senaat beter en goedkoper invullen.
6. Een federaal land heeft nood aan een federale politieke ruimte en aan politici die een draagvlak hebben in de verschillende regio's. Om dat te realiseren is de invoering van een federale kieskring voor de Kamerverkiezingen noodzakelijk. 35 Kamerleden worden op die manier aangeduid. De Kamer telt op die manier 200 leden: 150 rechtstreeks verkozen in provinciale kieskringen, 35 via de federale kieskring en 15 gecoöpteerde Kamerleden. Hoeveel kandidaten uit een bepaald Gewest verkozen kunnen worden via de federale kieskring wordt vooraf vastgelegd.
7. Een staatshervorming moet ook de geldstromen tussen de niveaus herbekijken. Alleen met een aangepaste financieringswet is een stevige sociale bescherming en een federale begroting in evenwicht nog mogelijk. Tegelijk moeten de deelstaten geresponsabiliseerd worden. Zij worden nu onvoldoende geprikkeld. Deelstaten die een duurzame en sociale economische ontwikkeling realiseren moeten voortaan beloond worden met bijkomende middelen. Via een groen Bruto Regionaal Product,gebaseerd op de principes van de ISEW-index, is het mogelijk om die ontwikkeling te kwantificeren.
8. Er moet ook eindelijk een oplossing komen voor de structurele onderfinanciering van Brussel, bijvoorbeeld door de plaats van tewerkstelling (deels) te laten spelen bij het toewijzen van de inkomsten uit de personenbelasting, de huidige Belirismiddelen gewoon aan het Brussels Gewest toe te kennen en/of een structurele federale bijdrage voor het hoofdstedelijk openbaar vervoer.
9. Door het afschaffen van de gemeenschappen wordt Brussel al minder complex. Het verdwijnen van de gemeenschapscommissies is evenwel onvoldoende. Zonder een doorgedreven interne staatshervorming zal Brussel geen antwoord kunnen bieden op de uitdagingen waar zij als grootstad mee wordt geconfronteerd. Het hertekenen van de gemeentegrenzen, het verminderen van het aantal gemeenten, het overhevelen van lokale bevoegdheden naar het Gewest en de oprichting van één politiezone zullen de coherentie van het gevoerde beleid gevoelig verhogen.
10. Een interne Vlaamse staatshervorming is evenzeer noodzakelijk. Het samenspel tussen de verschillende niveaus kan veel beter. De provincies moeten worden afgeschaft en er moet drastisch gesnoeid worden in het aantal intercommunales en regionale samenwerkingsverbanden. Beide bestuursniveaus dienen vervangen te worden door een nieuwe politieke ruimte: het stadsgewest. In uitgesproken landelijke streken zouden lokale besturen zich kunnen verenigingen in een streekgewest.
11. Burgers moeten op elk bestuursniveau hun beleidsmakers kunnen kiezen. Mandatarissen voor de stads- en streekgewesten moeten daarom rechtstreeks verkozen worden, elke zes jaar tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen. Door de verkozen mandatarissen wordt een college aangeduid voor de dagelijkse leiding van het stads- of streekgewest. Ook qua democratische controle en legitimiteit zou deze hervorming dus een stap voorwaarts betekenen.
12. De stads- en streekgewesten kunnen ook fungeren als schaal voor bestaande bovenlokale samenwerkingsverbanden, zoals politiezones, afvalintercommunales en huisvestingsmaatschappijen. In de meeste gevallen betekent dat een schaalvergroting. Om het contact met de burgers niet te verliezen moet er geïnvesteerd worden in decentrale informatiepunten en ombudsdiensten. Voor de politiezones is er nood aan wijkgerichte politiekantoren om het veiligheidsbeleid van de zone in de praktijk te realiseren.
13. Om efficiënt en effectief beleid te kunnen voeren, hebben we nood aan slagkrachtige lokale besturen. Om de slagkracht van gemeenten te verhogen, is er dan weer nood aan een nieuwe fusiegolf. Het lijkt aangewezen dat kleine gemeenten met elkaar en met buurgemeenten gaan fuseren. Gemeenten met minder dan 10 000 inwoners hebben geen zin. Indien nodig moeten we die doelstelling realiseren via een verplichte fusieoperatie. De nieuwe fusies moeten in elk geval gebaseerd zijn objectieve criteria en dus niet op gestuurd worden door partijpolitieke belangen zoals in het verleden.


