Oxfam-Wereldwinkels bestaat 40 jaar
Dat verdient een feestje
In mei vierde Oxfam-Wereldwinkels haar veertigjarig bestaan. Peper sprak met Griet Rebry (persverantwoordelijke Oxfam-Wereldwinkels) en ging na wat er in die tijd veranderd is. We blikken terug op de grootste successen van Oxfam. We gaan ook dieper in op bio versus Fair Trade, landbouw in het Zuiden en labels.
Oxfam-Wereldwinkels viert haar veertigjarig bestaan. Wat zijn jullie grootste successen of verwezenlijkingen?
We stellen met trots vast dat het concept van wereldwinkels heeft ‘gepakt' in Vlaanderen. We hebben ons unieke model, dat handel combineert met sensibilisering, politieke actie en lobbywerk kunnen waarmaken. We hebben aangetoond dat het leefbaar is, dat je op een eerlijke manier handel kan voeren. Veertig jaar geleden dachten mensen dat eerlijke handel enkel op kleine schaal zou kunnen. Wij hebben echter bewezen dat het ook in de reguliere economie kan. Er zijn bedrijven die intussen helemaal op fair trade zijn overgeschakeld, zoals de Nederlandse chocoladeproducent Verkade. Onze grote verdienste is dat fair trade een enorme groei kent en dat er intussen veel medestanders zijn in de reguliere economie. Tezelfdertijd hebben we op de politieke besluitvorming kunnen wegen. We wijzen het beleid op het belang van duurzame landbouw en eerlijke handel in landbouwgrondstoffen. Bovendien kiest de federale overheid in zijn openbare aanbestedingen vaker voor fair trade.
Zoals je al aangaf kiest men in openbare aanbestedingen meer voor fair trade. Er woedt echter vaak een discussie voor ofwel fair trade ofwel bio. Waarom is niet alle fair trade ook bio? En waarom is niet alle bio ook fair trade?
Fair trade leunt per definitie nauw aan bij de biologische productie. Onder de fairtradecriteria vallen ook heel wat criteria die te maken hebben met duurzame ecologische ontwikkeling. Zoals verstandig omgaan met natuurlijke hulpbronnen, energiebesparende productiemethodes, streven naar milieuvriendelijk transport, een efficiënt en duurzaam beleid op het vlak van verpakking en afvalverwerking. Fair trade vertrekt ook van kleinschalige landbouw en daaruit vloeien rechtstreeks agro-ecologische methodes voort (zoals de agrobosbouw, biologische teelten en de geïntegreerde bestrijding van schadelijke insecten). Binnen het gamma van ons eigen merk ‘Oxfam Fairtrade' blijft het aantal biologische fairtradeproducten stijgen. Oxfam Fairtrade streeft naar zo veel mogelijk bioproducten en schakelt over waar mogelijk.
Dit past binnen onze filosofie van duurzame ontwikkeling. Want fair trade garandeert niet alleen een minimumprijs voor de boeren uit het Zuiden, maar ook een bijkomende premie. Die maakt extra investeringen in de plaatselijke gemeenschap mogelijk. Daarnaast voorziet Oxfam-Wereldwinkels voorfinanciering voor haar partners, bouwt ze langetermijnrelaties met hen op en hechten we bijzonder belang aan sociale en ecologische aspecten. Dit respect voor mens én natuur oogst alleen voordelen. De consument heeft er baat bij, omdat de kwaliteit beter is. Voor de producent is het interessant omdat hij voor biologisch gecertificeerde producten een hogere prijs krijgt dan voor niet-bio. Op die manier ontpopt het biolabel zich dus als een interessante toegevoegde waarde voor eerlijke handel. Oxfam-Wereldwinkels begeleidt en stimuleert haar producenten dan ook zoveel mogelijk in de overschakeling naar biologische teelt.
Bart De Wever ging alvast te keer tegen de bakfietsbobo's die hun koelkast vol fair trade en bio stoppen, maar jaarlijks naar de andere kant van de wereld vliegen. Het raakte een gevoelige snaar, ik kreeg verschillende opmerkingen over de ecologische voetafdruk van bijvoorbeeld avocado's. Ook de voetafdruk van jullie appelsap werd in vraag gesteld. Dat kan evengoed met appels van hier kan worden gemaakt. Is die bezorgdheid terecht?
De critici hebben niet altijd gelijk: voedselkilometers zijn niet de beste methode om de ware ecologische kost van een product te meten. Je moet de milieu-impact over de hele levenscyclus van het product in rekening brengen. Daarbij is de al dan niet duurzame landbouwmethode zeer belangrijk. Er is bijvoorbeeld een studie die aantoont dat de ecologische schade aan het klimaat door bietsuiker uit Europa hoger is dan die van biorietsuiker uit Paraguay. Ook geldt voor een aantal teelten dat je Belgische serres 's winters moet verwarmen, wat leidt tot een hoge ecologische voetafdruk. Kleinschalige duurzame landbouw in het Zuiden is overigens minder belastend voor het milieu dan de gangbare landbouw.
Het is een voortdurende evenwichtsoefening tussen economische en ecologische motieven, de boer in het Zuiden is overigens de eerste die te lijden heeft onder de klimaatverandering. We mogen ons niet achter het ecologische verschuilen om de boer in het Zuiden in de steek te laten. Het is een en-en-verhaal, dat komt ook duidelijk naar voren in de nieuwe internationale campagne van Oxfam: ‘GROEI. Voedsel. Leven. Aarde.'
Ondertussen wordt het fairtradelandschap en de biosector geteisterd door een overvloed aan labels. Je verwees zelf al naar het biolabel, toch heeft elk bedrijf quasi haar eigen label. Daardoor kunnen bedrijven zich makkelijk duurzamer voordoen dan ze eigenlijk zijn. Wat staat 1 duidelijk en universeel label eigenlijk in de weg?
De markt wordt inderdaad zowat overspoeld met heel wat labels en duurzaamheidclaims. Vaak gaat het om goede initiatieven, maar voor de consument is het allemaal erg verwarrend. Vaak weet die niet welk label ‘fair trade' is en welk niet, want er bestaat geen wettelijk kader voor fair trade. En een milieuclaim is niet hetzelfde als een fairtradelabel. Bovendien gebeurt het dat een claim onterecht wordt gemaakt.
Als een bedrijf een eigen label lanceert en er een fairtradesausje over giet, dan worden we lastig. Voor ons is fair trade een driepijlerverhaal: het model omvat economische, ecologische én sociale criteria. Centraal staat ontwikkeling en versterking van producenten in het Zuiden. Momenteel ijveren wij niet actief meer voor een wettelijke erkenning van de term ‘fair trade', omdat we vrezen dat de wettelijke criteria in de huidige context veel beperkter zouden zijn dan de criteria die wij hanteren en nodig vinden. We denken dus dat een wettelijke erkenning het begrip ‘fair trade' zou uithollen.
De economische crisis heeft een groot deel van het kapitaal doen wegvluchten uit industriële en financiële sectoren. Tegenwoordig hoor je veel over het speculeren op grondstoffen, en zelfs op voedsel. Heeft dit dan geen positief effect op de landbouw in het Zuiden?
Grote investeerders zien voedsel tegenwoordig als gelijk welke andere lucratieve belegging: er wordt gespeculeerd op landbouwgrondstoffen alsof men in een groot casino speelt. Beleggers zijn niet geïnteresseerd in de landbouwgrondstoffen, en al helemaal niet in voedselzekerheid of inkomens van boeren, maar in kortetermijnwinst door pure speculatie. De prijsvolatiliteit ten gevolge van die speculatie is vooral een probleem voor de kleinschalige boeren en de armen.
Grote spelers controleren de hele keten en hoeven zich tegenover de maatschappij nauwelijks te verantwoorden over hun beslissingen en investeringen. De onderliggende oorzaak van deze machtsconcentratie in onze voedselvoorziening heeft te maken met een slecht beleid. Grote spelers op de landbouwmarkten krijgen immers vrij spel omdat de overheid er niet in slaagt de landbouwmarkten bij te sturen en te corrigeren waar die falen. Overheden kiezen er zelfs voor om deze agroindustrie te subsidiëren, eerder dan te investeren in duurzame landbouw. De toenemende speculatie op landbouwgrondstoffen wordt mogelijk gemaakt omdat overheden beslisten de financiële markten te dereguleren. De roep om een ander beleid daarvoor is dan ook een belangrijk element van onze campagne ‘GROEI. Voedsel. Leven. Aarde.'
Een vaak gehoorde kritiek in donkerblauwe middenstandmiddens is dat de vele subsidies, de vrijwilligers, de gunstige huurvoorwaarden net voor oneerlijke concurrentie zorgen. Dat terwijl jullie net pleiten voor eerlijke handel. Wat is de reactie van Oxfam hierop?
De wereldwinkels zijn geen gewone winkels en in die zin geen concurrenten voor andere winkels. Oxfam-Wereldwinkels vzw is een vrijwilligersorganisatie die ijvert voor een rechtvaardigere wereldhandel. Het netwerk van wereldwinkels is een van de manieren waarop we dit realiseren. Enerzijds door markttoegang te creëren voor de producten van onze partners in het Zuiden, anderzijds door consumenten de kans te geven actief mee te werken aan een rechtvaardige handel. Dit geldt ook voor het coöperatieve bedrijf cvba Oxfam Fairtrade. Oxfam Fairtrade is geen bedrijf als een ander, zoals soms wordt beweerd. Wij betalen een vaste prijs voor onze producten die niet de marktprijs is. De Oxfam-Wereldwinkelgroepen, de vrijwilligersbeweging, hebben een meerderheidsaandeel in Oxfam Fairtrade. Het bedrijf staat voor een alternatief handelsmodel. Het is niet gericht op winst maken, wel wil het zoveel mogelijk omzet draaien in functie van een goed inkomen voor de producenten. Alle bedrijfskosten worden zorgvuldig bestudeerd met de bedoeling meerwaarde te kunnen creëren in het Zuiden.
En tot slot waar hopen jullie binnen 40 jaar te staan?
Ik vrees dat dit een utopie is, maar het zou wel een goeie zaak zijn dat we op termijn overbodig zijn. Als alle handel eerlijk geworden is, dan kunnen wij ermee stoppen. Maar zover zijn we nog niet, we hebben nog veel werk.
Oxfam-Wereldwinkels?
Oxfam-Wereldwinkels vzw ontstond in 1971 en is de belangrijkste organisatie voor eerlijke handel in België. Het is een democratische vrijwilligersbeweging die strijdt voor een rechtvaardige wereldhandel. Daarmee komt de organisatie op voor ieders recht op een menswaardig leven. De organisatie doet dit via educatie, lobbywerk en met de verkoop van producten van eerlijke handel. In 2002 bracht Oxfam-Wereldwinkels haar handelsactiviteiten onder in een aparte organisatie, namelijk Oxfam Fairtrade cvba. Oxfam Fairtrade is hét merk voor voedingsproducten van eerlijke handel.
Oxfam-Wereldwinkels blijft zo lang het nodig is campagne voeren. Zo lanceerden ze op 1 juni de internationale campagne ‘GROEI. Voedsel. Leven. Aarde.' Met die campagne lanceert de organisatie dezelfde boodschap in 34 landen: alle mensen hebben recht op voedsel. Binnenkort zijn we met 9 miljard mensen. We moeten al die monden blijven voeden, met respect voor de natuurlijke hulpbronnen. De campagne introduceert een radicaal nieuwe aanpak van het gebruik en het beheer van grondstoffen. Er is een eerlijkere manier om voedsel te telen en te delen mogelijk. Meer informatie vind je op www.ikgroeimee.be.
Auteur: Bob D'Haeseleer



Reacties
Nieuwe reactie inzenden